Dedain

Ik las een stukje van mijn favoriete columnist, Sylvia Witteman, en ik was het voor de zoveelste keer gloeiend met haar eens. Over de inhoud straks. Dat stukje was ook bijzonder omdat Witteman een columnist in haar eigen krant, de Volkskrant, bestreed. Sinds Piet Grijs in Vrij Nederland op Renate Rubinstein inhakte, komt dat eigenlijk niet meer voor. Witteman hakte niet, maar was wel gedecideerd: Bert Wagendorp had groot ongelijk en ze moest niets van zijn elitaire houding hebben.
Ik heb dat zelf ooit een keer gedaan in Het Parool. Literair recensent Arie Storm schreef dingen als ‘herkenbaarheid en een plot – gaat het met dit boek nog goed komen?’ (hij had kennelijk liever een boek zonder plot waarin je je niet kunt herkennen) en ‘het kenmerk bij uitstek van echte literatuur is misschien dat ze pessimistisch en deprimerend is’. Ik was het daar gloeiend mee oneens. Ik bleef beschaafd, want ruzie maken in één huis geeft overlast. En het was natuurlijk een voordeel dat op deze manier Het Parool altijd gelijk had.
De stukjes van Witteman versus Wagendorp en van Frommé versus Storm hebben meer gemeen dan dat in alle twee op de deur van een buurman wordt gebonkt. Ik ga hier niet de hele column van Witteman citeren, al zou dat wel aanbevelenswaardig zijn. Het stukje van Wagendorp ging over ‘ontlezing’ en hoe erg dat is. Nu ja, er werd wel gelezen, maar dat kon je niet serieus nemen, omdat de boeken die de mensen lazen, bestsellers waren.
Witteman relativeerde het mogelijk rampzalige van de ontlezing (waarom zou je informatie liever uit een boek dan uit een docu halen?) en schreef ten slotte dit: ‘Waarom dat dedain? Waarom betogen dat lezen leuk moet zijn, en intussen zo terloops en vanzelfsprekend neerkijken op bestsellers die mensen daadwerkelijk voor hun plezier lezen? ‘Lezen wordt weer de elitaire bezigheid die het eeuwenlang was,’ verzucht Wagendorp. Ja, zo vráág je er wel om.’ Dat dedain van Wagendorp – zelf bestsellerauteur met Mont Ventoux – werd nog overtroffen door dat van Arie Storm.
Lezen of niet lezen, dat is de kwestie. Voor sommige mensen, vooral ouderen, is de ontlezing het naderende einde van de beschaving en het zoveelste bewijs dat de wereld naar de donder gaat. Maar ouderen vinden al snel dat de wereld naar de donder gaat, omdat ze hun eigen naderende einde verwarren met dat van de wereld. Ik denk dat het wel meevalt met die teloorgang van de beschaving.
Niemand zal beweren dat de wereld buiten het geschreven woord kan. De pessimisten bedoelen met ontlezing dat de mensen steeds minder fictie lezen en dan vooral fictie die tot de hogere literatuur wordt gerekend. Ik ken van nabij mensen die weinig tot geen literaire romans hebben gelezen en die toch kunnen denken. Ook met hun beschaving loopt het nogal los.
Is het wel zo essentieel voor iemands leven Salinger, Joyce, Kafka, Grossman, Kipling, Waugh, Saki, Tsjechov, Tolstoj, Vroman, Reve en Van het Reve te hebben gelezen? Voor mij wel, ja, maar is het dat ook voor het voortbestaan van de beschaving? Ik vind hooguit dat mensen iets missen als ze die schitterende schrijvers niet hebben gelezen, maar ik besef dat dat eigenlijk een gebrek aan voorstellingsvermogen is. Je kunt er nu eenmaal niet van uitgaan dat andere mensen zijn zoals jij.

Bob Frommé

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.